Achtergrond Gedaref
Gedaref is de hoofdstad van de gelijknamige staat in
Oost-Soedan, 200 kilometer van de grens met Ethiopië en
Eritrea. Soedan is het grootste land in Afrika en 62 maal zo groot als Nederland.
De bevolking telt zo'n 30 miljoen inwoners. Soedan is
van oudsher een verscheurd land: het drogere, Arabische
en Islamitische noorden en het nattere, tropische
Christelijke zuiden. De scheidslijn noord-zuid ligt
enkele honderden kilometers zuidelijk van Gedaref. Sinds
de onafhankelijkheid in 1956 zijn - met uitzondering van
een achtjarig bestand in de jaren zeventig - noord en
zuid in een slopende burgeroorlog verwikkeld geweest.
Sinds
de Oudheid heeft Soedan altijd binnen de Egyptische
invloedssfeer gelegen. Vanaf de eerste eeuwen van onze
jaartelling tot in de middeleeuwen domineerden
christelijk inheemse koninkrijken Soedan. Daarna viel
Egypte onder het Turkse Rijk. In de 19e eeuw tornden
afscheidingsbewegingen aan het gezag. Na de val van het
Turkse Rijk in de Eerste Wereldoorlog kwam Soedan onder
Brits bestuur. In 1956 verkreeg Soedan, als een van de
eerste Britse overzeese gebieden, onafhankelijkheid.
Begin jaren tachtig
telde Gedaref
ongeveer 30.000 inwoners. De gortdroge plaats waar men
voornamelijk van de landbouw leeft zelf en die
beschreven wordt als ‘Peace haven of Eastern Sudan’,
raakte in de loop van de jaren overspoeld met
vluchtelingen uit het zuiden en ook met veel migranten uit
Ethiopië en Eritrea. In twintig jaar is Gedaref gegroeid
naar bijna vierhonderd duizend inwoners. Gedaref ligt in
een toonaangevende landbouwzone en heeft de grootste
graansilo's van het land.
Van de bevolking in Soedan is 70% moslim, 10%
christen en 15% hangt een inheemse religie aan. Men
spreekt Arabisch, Dinka en andere talen. Engels wordt in
communicatie met buitenlanders gesproken door hoog
opgeleiden. Belangrijkste (export)producten zijn ruwe
olie, vee, sesamzaad, katoen en Arabische gum.
|