De zeven kruiswoorden

 

1.   We hebben spijt, vergeef ons Heer,

      zo klinkt het telkens; keer op keer.

      De Heer schenkt ons vergiffenis en wijst

      ons op verrijzenis.

 

2.   Vergeet ons niet, die aan ons denkt,

      het koninkrijk dat Gij ons schenkt.

      Beloof mij, Heer, het paradijs

      wanneer ik straks met u verrijs.

 

3.   Hij zag zijn vriend en moeder aan en

      gaf hen weer een nieuw bestaan.

      Hij nam haar op, en in zijn huis,

      droegen ze voort elkanders kruis.

 

4.   Mijn God, mijn God, waar bent u toch!

      verlaat ons niet, we leven nog!

      Laat ons niet gaan in duisternis

      maar schenk ons de verrijzenis.

 

5.  Wij zingen veertig dagen lang

      dit oud en welbekend gezang:

      wie hongert en wie dorstig is

      verlangt nu naar verrijzenis.

 

6.   Met Pasen vieren we straks feest

      wij leven voort in Jezus' Geest,

      met lichaam dat gebroken is

      en bloed dat nu vergoten is

 

7.   Eerst zongen we nog luid in koor

      en liepen we er warm voor

      nu zingen we het extra zacht,

      zijn laatste woord: 'het is volbracht'.

 

      Cor Sinnema, 2004

 

terug naar expositie Petrus en Paulus

naar gedicht over de kruiswoorden van Nic. Beets

Naar index kruiswoorden